Coen Ruivenkamp groeide op in een muzikaal milieu: zijn vader was operadirigent. Thuis draaide alles om muziek. Zijn interesse voor muziek werd dan ook jong gewekt. Al snel begon hij met piano- en orgellessen. Als jongvolwassene was hij als repetitor verbonden aan enkele operagezelschappen van zijn vader, te weten de "Haagse Volks Opera", de "Bredase Opera" en de "Bossche Opera". Bij deze gezelschappen deed hij ruime ervaring op in koordirectie en pianobegeleiding.

Naast operamuziek, ontwikkelde Coen al op jonge leeftijd een grote belangstelling voor kerk- en oratoriummuziek en piano-/orgelliteratuur. Zijn eerste kerkmis, waarbij hij het orgel bespeelde, was op 8-jarige leeftijd. Zijn fascinatie voor orgel en piano leidde tot een muziekstudie op het conservatorium, waar hij tevens geïnteresseerd raakte in koor- en orkestdirectie.


 

Opleiding

Coen Ruivenkamp volgde een opleiding aan het Koninklijk Conservatorium te Den Haag waar hij, naast orgel en piano, koor- en orkestdirectie studeerde. Zijn docenten waren o.a.:

- Geoffrey Madge/Gerard Hengeveld (piano)
- Jan van Dijk (contrapunt)
- Ronald de Man (harmonieleer)
- Ad de Groot/Harry Holtman (algemene theoretische vakken)
- Ad Stam (muziekgeschiedenis)

Zijn opleiding tot kerkorganist kreeg hij van de bekende Haagse organist Joop Schouten.
Koor- en orkestdirectie studeerde Coen bij dirigent Jan Stulen.

Muziekactiviteiten

Na zijn studie (1971) was Coen Ruivenkamp organist/pianist & dirigent van verschillende (kerk)koren. Ook verleende hij zijn medewerking aan een Holland Festival, destijds onder de muzikale leiding van Claudio Abbado.
In 1978 werd hij pianist/koorrepetitor van de "Hoofdstad Operette" in Amsterdam; in 1980 dirigent van het Haags symfonieorkest "Euterpe"; in 1982 dirigent van "Het Zuid-Hollands Operakoor" in Den Haag en in 1983 dirigent van het operakoor "Nuova Voce" in Zoetermeer. In 1984 kreeg hij de kans samen te werken met Caroline Kaart in de theaterproductie "De Mooiste Melodieën".
Met een door Coen zelf opgerichte stichting: "Meesterwerken van Opera tot Operette", wilde hij zichzelf meer ontplooien. In de producties van deze stichting werkte hij samen met verschillende solisten, plaatselijke koren en Judith Bosch als presentatrice. De concerten werden door hem gedirigeerd en begeleid op de piano.
Daarna volgden nog de producties van "Belcanto Concerten" met solisten in kleine enscenering, piano: Coen Ruivenkamp, presentatie: Hans van Willigenburg, en de producties van "Facetten van Opera en Operette" met tevens solisten in kleine enscenering, piano: Coen Ruivenkamp, presentatie: Gerard Heystee.

Begin jaren '90 ging Coen zich meer oriënteren op het buitenland. Hij gaf een aantal orgelconcerten met medewerking van het kamerkoor van de "Opera Bydgoszcz" in het kader van het Zomerfestival in Polen.
Verder deed hij veel ervaring op in het buitenland door met meerdere operahuizen samen te werken in Polen, Roemenië en Tsjechië. Hij gaf o.a. tournees met "Opera Bydgoszcz" uit Polen (La Traviata: 30 voorstellingen in Nederland en België) en met "Opera Bytom" uit Polen (Rigoletto: 40 voorstellingen in Nederland en België). Van deze complete opera-uitvoeringen (met orkest!) was Coen zelf artistiek directeur en dirigent. Halverwege de jaren '90 dirigeerde hij twee voorstellingen van de opera Rigoletto op uitnodiging van "Opera Slaska" in Polen. In Ostrava (Tsjechië) en Léviv (Oekraïne) dirigeerde hij de opera La Traviata.

Ook het meer klassieke repertoire kwam aan bod, o.a. in 1998 toen Coen een concert gaf met "Filharmonica Brasov" in Roemenië. Uitgevoerd zijn: La Cenerentola (Rossini), Concerto for violoncello & orchestra in B flat major (Boccherini) en de Symphony no. 4 (Italian) in A major, Opus 90 (Mendelssohn).

Eind jaren ’80 was Coen genoodzaakt zich uit het theater en het buitenland terug te trekken wegens omstandigheden.
Begin jaren '90 werd hij gevraagd als dirigent van het Operakoor Dordrecht, waarvoor hij zich enkele jaren inzette.
Hij werd eveneens dirigent van het koor “Vocal Devotion” uit Maassluis. Met dit koor gaf hij vele kerst- en paasconcerten. Uitgevoerd werden o.a. de werken The Seven Last Words Of Christ (Th. Dubois) en Die Sieben Worte Jesu am Kreuz (César Franck). Verder maakte Coen een cd-opname met “Vocal Devotion” en gaf het koor haar medewerking aan een radio-uitzending bij de NCRV.

Huidige koren

Momenteel is Coen Ruivenkamp organist/dirigent van de Titus Brandsma parochie in Den Haag en van het rooms-katholieke koor Amicitia in Prinsenbeek.
In 2005 maakte hij plannen om, in samenwerking met Theater Zwembad de Regentes in Den Haag, een theaterproductie op touw te zetten en wel op projectbasis. Zijn initiatieven leidden uiteindelijk tot de oprichting van een gelegenheidskoor dat, in samenwerking met Het Promenade Orkest uit Amsterdam en professionele zangsolisten, in oktober 2006 een uitvoering gaf van La Traviata van G. Verdi in concertvorm. De uitvoering werd een groot succes: de zaal was uitverkocht. Daar hij zeer enthousiaste reacties ontving van zowel publiek als deelnemers, werkte hij aan nieuwe ideeën voor volgende operaprojecten. In 2007 en 2008 werden respectievelijk de operaprojecten Lucia di Lammermoor (G. Donizetti) en Cavalleria (P. Mascagni) gerealiseerd. In 2009 volgde I Puritani van V. Bellini.

In 2009 werd onder grote belangstelling het oratoriumproject De Paukenmis van J. Haydn uitgevoerd in Den Haag en Prinsenbeek (bij Breda). Het enthousiasme van de projectkoorleden en het publiek leidde tot een nieuw oratoriumproject in 2010: de Petite Messe Solennelle van G. Rossini.

Tijdens zijn muzikale loopbaan bleef Coen steeds enthousiast om zijn muziekkennis en muzikale vaardigheden over te dragen op anderen. Hij heeft dan ook altijd, naast zijn andere activiteiten, piano- en orgellessen gegeven aan leerlingen.

Repertoire

Zoals vermeld raakte Coen Ruivenkamp, als zoon van een operadirigent, al vroeg bekend met operamuziek. Echter, zelf ontwikkelde hij een grote belangstelling voor kerk- en oratoriummuziek en kwam hij door de samenwerking met verschillende koren ook in aanraking met meer wereldlijke muziek, zoals gospel en populaire muziek.
Indien gewenst kan op verzoek een repertoirelijst verstrekt worden.